Reserve kerstlampjes

Werkt uw klassieke kerstverlichting niet meer en vindt u weggooien zonde? Zorg daarom ervoor dat u de juiste reserve kerstlampjes buiten of voor binnen alvast op voorraad heeft voordat de feestdagen aanbreken. Bij ons vindt u de juiste reserve kerstlampjes om uw verlichting weer een nieuw leven te geven. De klassieke kerstverlichting voor binnen bestaat in veel gevallen uit een streng gloeilampjes. Deze zijn in serie geschakeld waardoor ze zonder tussenkomst van een transformator op het lichtnet aangesloten kunnen worden. Voor een serieschakeling is het belangrijk dat de lampjes exact gelijk aan elkaar zijn. Alleen dan geven ze allemaal dezelfde hoeveelheid licht. Als u een defect lampje wilt vervangen, is het belangrijk dat u het vervangt door een exemplaar van hetzelfde voltage en hetzelfde vermogen. Alleen dan branden ze allemaal, inclusief het nieuwe exemplaar, weer op een normaal niveau. Doet u dit niet, dan is het mogelijk dan het nieuwe reserve kerstlampje te fel brandt en snel doorbrandt of dat het nieuwe maar heel flauw brandt en de andere juist iets feller. Dit laatste kan de levensduur van alle lichtbronnen aanzienlijk verkorten.

De symptomen van een kapot lampje

Het kan zijn dat één lampje in de streng niet meer brandt terwijl de rest nog gewoon blijft branden. Dit lijkt een beetje op magie, want als er één in een serieschakeling niet meer functioneert kan er in principe ook geen stroom meer lopen door de andere lampjes. Het geheim hiervan zit hem in het lampje zelf. De aansluitdraden zijn van een weerstandspasta voorzien die bij lage temperatuur een lage weerstand heeft en bij hoge temperatuur een hoge weerstand. Brandt een lampje dan loopt de weerstand snel op en gaat de meeste stroom door de gloeidraad. Is de gloeidraad stuk, dan blijft de weerstand laag en kan er toch voldoende stroom door het lampje lopen zodat de andere lichtbronnen in de streng blijven branden. Doet de hele streng het niet als u de stekker in het stopcontact steekt? Dan is er een lampje kapot en hebben de andere niet deze handige functie. Er zijn enkele manieren om defecte exemplaren op te sporen zodat u ze kunt vervangen door reserve kerstlampjes en de hele streng weer licht geeft. Afhankelijk van het soort is het eenvoudig of wat lastiger om kapotte lampjes op te sporen.

Het vinden van het defect

Werkt uw lichtsnoer niet of maar voor een deel, dan zijn er enkele methodes om kapotte lampjes op te sporen. Bij grote kerstlampjes kunt u elk lampje visueel inspecteren. Door het glas is vaak al goed te zien of de gloeidraad nog intact is. Een zwarte vlek of verkleuring van het glas is ook een indicatie dat het kapot is. Werkt dit niet, of is het niet mogelijk om de gloeidraden visueel te inspecteren, dan zijn er diverse andere methodes om het kapotte exemplaar op te sporen. De snelste en meest direct methode is het gebruik van een goedkope multimeter. Deze kunt u samen met uw reserve kerstlampjes bestellen. Een multimeter heeft een weerstandsbereik waarmee u een lichtbron kunt testen. Geleidt het lampje, dan is de gloeidraad nog intact. Geleidt het niet, dan is de gloeidraad kapot. Test alle lampjes en vervang de kapotte door nieuwe reserve kerstlampjes. Heeft u geen multimeter, vervang dan het eerste lampje door een reservelampje en daarna het tweede door het eerste lampje. Ga zo door de streng heen tot uw streng weer brandt.

Juiste reserve kerstlampjes bestellen

Voor een goede werking van uw streng is het belangrijk dat u de juiste reserve kerstlampjes bestelt. Het eerste waar u op let is de fitting. Dit kan een steekfitting of een schroeffitting zijn. Let bij een steekfitting goed op de vorm. Deze moet overeenkomen met de vorm van het exemplaar dat u vervangt. Bij de lampjes met een schroeffitting staat een E nummer met een getal, bijvoorbeeld E10. Het getal geeft de diameter van de schroefdraad in millimeter. Heeft u lampjes met een schroeffitting, meet dan de diameter van de schroefdraad op. Bij kerstverlichting staan de lampjes vrijwel altijd in serie geschakeld. Daarom is het cruciaal dat alle lampjes dezelfde spanning hebben en het totaal gelijk is aan de netspanning. Tel het aantal lampjes dat in een streng zit om achter de spanning per exemplaar te komen. Veel oudere strengen zijn nog uit het 220 volt tijdperk, bij een oude streng moet u dan ook 220 volt delen door het aantal lampjes. Voor nieuwe strengen moet u 230 volt delen door het aantal lampjes. De reserve kerstlampjes moeten ook van hetzelfde vermogen zijn. Gelukkig hebben de meeste reserve kerstlampjes hetzelfde vermogen, waardoor de keus (en kans op een fout) beperkt is.


   
 
   
Klantenservice & Informatie