Overige Producten 
Kabels 
Account  

Verrekijker en Telescoop

Verschillende soorten verrekijkers

Afhankelijk van de vergrotingsfactor, wordt een verrekijker voor een ander doeleinde ingezet. Tot 6x voor bijvoorbeeld concerten of sportevenementen. Een stapje hoger, vanaf 6x tot ongeveer 10x, is meer geschikt voor veldsport, vogels kijken en vliegtuigspotten. Hoger dan 10 x is ook geschikt voor vliegtuigen en vogels, maar tevens voor astronomie. Verrekijkers zijn in te delen in twee groepen: binoculair en monoculair. De monoculair heeft één lens, de binoculair twee. Deze laatste is nog in te delen in porro-kijkers en dakkant-kijkers. Makkelijk samengevat zijn porro-kijkers over het algemeen goedkoper, omdat ze makkelijker te maken zijn. Het nadeel daarvan is dat ze minder compact zijn. Om dieper in te gaan op de oorzaak daarvan, kijken we naar de manier waarop de lenzen in de verrekijker zitten. Bij een porro-kijker valt het licht via een N-vormige knik door de verrekijker. Bij de dakkant-kijker moet het licht er recht doorheen. De fabricatie daarvan vereist echter meer precisie, omdat de prisma’s zich recht tegenover elkaar bevinden. De monoculaire types zijn de versies waarbij je met één oog erdoorheen kijkt. Er zijn varianten hierop die tussen een verrekijker en een telescoop in zitten, de spottingscope.

Hoe werkt een verrekijker?

De voornaamste onderdelen in een verrekijker die ervoor zorgen dat jij het beeld krijgt dat je wilt, zijn de prisma’s en de objectieven. Deze zorgen voor de transmissie van licht. Hoe beter de kwaliteit van deze onderdelen, hoe mooier het waargenomen beeld. Prisma’s worden gemaakt uit glasplaatjes van 3 tot 4 cm². Hoe meer het midden van de oorspronkelijke plaat wordt gebruikt, hoe hoger de kwaliteit van het prisma. Dit heet BAK4 en is dan ook te vinden in de duurdere modellen, versus het goedkopere BK-7. Naast deze onderdelen is uiteraard de lens zelf nog van belang. De uitlijning is belangrijk voor de beeldvorming van een verrekijker. Als de lenzen niet goed geslepen zijn, wordt de beeldkwaliteit minder richting de randen van de lenzen. Omdat je brein probeert de fouten van een kijker te compenseren, is een verrekijker met lage kwaliteit lenzen ook nog eens vermoeiender om doorheen te kijken. Als laatste is er nog de coating, waarmee wordt geprobeerd de reflectie in de lens te verminderen. Over het algemeen wordt dit aangeduid met C (coated), FC (fully coated) en FMC (fully multi coated). Hoe meer coating, hoe beter de helderheid, het contrast en de kleurechtheid van de verrekijker.

Waarop letten bij een telescoop?

Bij het uitkiezen van een telescoop komt een hoop kijken. Begin je net met sterrenkijken, dan kun je het best kiezen voor een kant-en-klare telescoop of een verrekijker met een hoge vergrotingsfactor (vanaf 10x). In de hoofdlijn kun je drie typen telescopen onderscheiden: het Newton systeem, dat ook wel reflector of spiegeltelescoop wordt genoemd, het lenzensysteem (of refractor), en het Schmidt-Cassegrain systeem. Het lenzensysteem is zeer geschikt voor de maan en de planeten, terwijl de andere twee systemen meer geschikt zijn voor deepsky objecten. Hoeveel je door de lens kunt zien, is afhankelijk van de opening. Hoe groter de opening, hoe meer licht erdoor valt, waardoor het beeld helderder is en je meer details kunt onderscheiden. Hiervoor geldt dat een kleine opening geschikt is voor de maan en planeten, de grote openingen meer voor deepsky objecten. Verder kijk je naar het gewicht en het statief. Heb je een vaste kijkplek, of wil je hem vaak meenemen? Hoe groter de opening, hoe zwaarder de telescoop. Het statief moet dan ook meer stabiliteit bieden, omdat je anders bij elke aanraking al een trillend beeld hebt. Stel van tevoren vast hoeveel je bereid bent uit te geven aan je telescoop of verrekijker.

Telescoop of spottingscope?

Wat is nu precies het verschil tussen een telescoop en een spottingscope? De spottingscope kun je zien als een gulden middenweg. Telescopen zijn minder mobiel omdat ze een stuk zwaarder zijn, maar bieden wel meer vergrotingsopties voor echt lange afstanden. Bovendien is het beeld van een telescoop omgekeerd, dus zijn deze niet geschikt voor landwaarnemingen. Spottingsscopes en verrekijkers daarentegen hebben geen gedraaid beeld en zijn heel ideaal als je lange tijd op dezelfde plek gaat vogelspotten of wildspotten. Ze bieden meer vergroting dan een verrekijker, waardoor je over langere afstand kunt zien. Ook is dit normaal gesproken een verrekijker op een statief, zodat je een stabiel en helder beeld hebt.

Een verrekijker voor elke situatie

Bij verrekijkers geldt over het algemeen: hoe groter de lenzen, hoe zwaarder en duurder de verrekijker. Wellicht geeft het een gedetailleerder beeld, maar niet in elke situatie is dit nodig of praktisch. Ga je op een exotische vakantie, safari of serieus vogelspotten, dan zijn grote objectieflenzen een aanrader. Voor een wandel- of fietstocht, een concert of een theatervoorstelling is juiste een compacte en lichte verrekijker een beter idee. Daar komt natuurlijk ook nog het budget bij kijken. Neem alle opties in overweging voor je een verrekijker gaat kopen. Wat ga je ermee doen, moet hij in je tas meegedragen, wat wil je er precies mee bereiken?

Details en nachtzicht

Bij een verrekijker worden twee getallen gegeven: de vergroting en de diameter van de objectief-lens. Hoe groter deze diameter, hoe meer licht door de lens valt. Dat zorgt voor een helderder beeld en je kunt dan meer details waarnemen. Voor waarneming in schemer of donker worden ‘uittredepupil’ en ‘schemergetal’ gebruikt. Deze kun je zelf berekenen door de objectief-diameter te delen door de vergroting. Stel je hebt een verrekijker met een vergroting van 10x en een objectief-diameter van 50 mm, dan is de uittredepupil 50/10=5. In de biologie slaat deze term op de maximale grootte van de pupil van het menselijk oog in donkere omstandigheden. Bij jongeren is dit gemiddeld 7 mm, maar per 10-15 levensjaren wordt dit 1 mm minder. Bovendien wordt dit gemeten in absoluut donker, wat in Nederland niet voorkomt door de lichtvervuiling. Kijkend naar de uittredepupil van het oog, zou ideaal zijn voor een verrekijker 7 mm. Door het ouder worden en de lichtvervuiling, hoef je hier echter niet heel streng aan vast te houden. Wat een belangrijker voordeel is van een hoge uittredepupil, is dat je ‘rustiger’ kunt kijken: als je handen trillen, blijft je oog binnen de pupil en wordt je zicht minder gehinderd.

Scherpstellen en zoomen

Het gezichtsveld is de breedte van het landschap dat je door een verrekijker kunt waarnemen, gelegen op 1000 meter van de waarnemer. Deze waarde kan worden gegeven in graden of in meters. 1° is 17,40 meter. Een groothoekverrekijker begint vanaf 110 meter, wat gelijk staat aan 6.32°. Hoe groter het gezichtsveld, hoe comfortabeler de waarneming. Bij sommige verrekijkers is het mogelijk om in- en uit te zoomen, een zoomoculair. Zo kun je net zo makkelijk op 10 meter afstand vergroten als op 50. Echter is het op deze manier heel lastig om een bewegend object te volgen. Dat kun je grotendeels opvangen met een goed statief. Om scherp te stellen bestaan er verschillende systemen: centrale afstelling en individuele afstelling. Centrale afstelling is sneller en wordt gelijktijdig uitgevoerd op beide oculairs van de verrekijker. Met individuele afstelling kun je maximum zichtscherpte regelen, maar dat moet je wel onder de knie krijgen en het duurt langer.

Vragen en advies

Heb je vragen over een van onze verrekijkers en telescopen of wens je advies bij het kiezen? Onze klantenservice is tot 21 uur telefonisch bereikbaar. Ook voor schriftelijke vragen zijn wij bereikbaar, zodat u straks precies het juiste product bestelt.

Klantenservice & Informatie